Nederlands English

Order: Opiliones, Hooiwagens

De meeste Nederlandse hooiwagens op één pagina.

De site is lang met veel foto's, er zijn drie onderdelen: inleiding, algemeen en een soortenoverzicht met beschrijving per soort.


Inleiding:

Bij het zoeken naar springstaarten kom je natuurlijk ook hooiwagens tegen. Voor de fotograaf zijn het leuke onderwerpen die vaak lang stil blijven zitten en een foto reeks mogelijk maken. Zo fotografeerde ik in het bos vlak bij mijn huis een hooiwagen die erg stil zat. Omdat je met macro fotografie weinig diepte scherpte hebt, maakte ik een serie foto's met de scherpte op verschillende plaatsen. Met een programma kun je de serie verwerken tot één enkele foto met een grote dieptescherpte.
Het resultaat sprak me aan, daarom besloot ik deze even op het forum van waarneming.nl te tonen.

Platybunus pinetorum
Platybunus pinetorum, bewerkte foto

Dit bracht een onverwachte reactie op gang. De foto was in de winter gemaakt en dan komt van de grote hooiwagens alleen de voorjaars hooiwagen Rilaena triangularis in aanmerking, aangezien die niet als ei maar als larve de winter doorkomt. En ja, ook nog een zeldzame soort, maar dat verwacht je niet. De admin van het forum reageerde echter met de opmerking dat ik de naam moest wijzigen in die van de zeldzame hooiwagen Platybunus pinetorum en dan eens afwachten wat de experts daar op zouden zeggen. Geheel onverwacht had ik een dier gefotografeerd dat alleen van enkele plaatsen op de Veluwe bekend was en nu dus ook uit Drenthe.

Platybunus pinetorum ♂
Platybunus pinetorum ♂

begin

Algemeen:

Hooiwagens zijn niet giftig.

Hooiwagens worden vaak spinnen genoemd maar ze zijn een aparte orde. Hooiwagens hebben geen mogelijkheid om een web te spinnen, ze kunnen geen zijde produceren. Wat ook ontbreekt, zijn de gifklieren die spinnen wel hebben. Het verhaal dat de hooiwagens heel erg giftig zijn klopt dus niet. Wel kunnen ze ter verdediging een stinkende vloeistof loslaten.

Hooiwagens hebben geen gifklieren en zijn niet giftig
Hooiwagens hebben geen gifklieren en zijn niet giftig

Voedsel

Rilaena triangularis, juveniel, eet een springstaart
Rilaena triangularis, juveniel, eet een springstaart

Hooiwagens zijn over het algemeen alleseters. Ze eten dus zowel plantaardig als dierlijk voedsel, hoewel er soorten zijn die alleen dierlijk voedsel nemen. Vaak zijn het aas eters en leven ze verder van rottende planten, kleine ongewervelden enz.
Hun voedsel verkleinen ze met de scharen die aan de cheliceren zitten. Hieronder op de foto van een dood mannetje strekpoot, dat ik in een spinnenweb heb gevonden, kun je duidelijk zien hoe dit zit. Het is een soort kreeftenschaar. Het geheel bestaat uit drie onderdelen, het eerste onderdeel staat naar voren, de tweede naar beneden en vormt met het derde de schaar. Het dode dier heb ik op zijn rug neergelegd, zodat je de scharen goed ziet. Vaak zijn deze cheliceren bij de mannetjes vergroot. Een goed voorbeeld vormt de man van de gewone hooiwagen, die je van afstand kunt herkennen aan de grote cheliceren. Naast de cheliceren zitten de pedipalpen, op de foto steken ze naar voren en lopen uit beeld. Bij de strekpoot zijn de pedipalpen gevorkt, waaraan je de soort kunt herkennen. Vaak zijn ze verschillend uitgevoerd bij de geslachten, bij de strekpoot heeft de man dunnere pedipalpen dan het vrouwtje en bij de vrouw zitten er haren op.
Verder zie je aan beide kanten de vier loop poten, dat wil zeggen de aanhechting, want dit exemplaar is een aantal poten kwijt.

strekpoot, Dicranopalpus ramosus ♂
strekpoot, Dicranopalpus ramosus ♂

Vervellen

Net als alle andere geleedpotigen vervellen de hooiwagens. Na een aantal vervellingen zijn ze volwassen en dan vervellen ze niet meer. Om te vervellen gaan ze ergens aan hangen en komen helemaal uit hun oude huid, zoals de hooiwagen op de foto. Hebben de hooiwagens normaal al veel (8) poten nu is het helemaal een bos, acht poten aan het pas vervelde exemplaar en acht van het oude vel. Lege huiden vind je vaak onderaan de holle zijde van op de grond liggende stukken schors.

Strekpoot, Dicranopalpus ramosus
Strekpoot, Dicranopalpus ramosus

Voortplanting

Hooiwagens leven over het algemeen een jaar en de voortplanting gaat via eieren. Er vindt inwendige bevruchting plaats, bij de paring staan de dieren tegenover elkaar. De vrouwtjes zetten de eieren met een legboor af in de grond of op vochtige plaatsen zoals in spleten in de schors van bomen. De meeste soorten overwinteren als ei. Op de foto's hieronder een vrouw Leiobunum spec A en Platybunus pinetorum met legboor, een man Platybunus pinetorum met zichtbaar voortplantingsorgaan en de paring bij Opilio saxatilis.

Leiobunum spec A, legboor zichtbaar
Leiobunum spec A, legboor zichtbaar

Platybunus, legboor zichtbaar
Platybunus pinetorum, legboor zichtbaar

Platybunus pinetorum ♂
Platybunus pinetorum ♂

Platybunus pinetorum ♂
Platybunus pinetorum ♂

Opilio saxatilis
Opilio saxatilis

Opilio saxatilis
Opilio saxatilis

Opilio saxatilis
Opilio saxatilis

Opilio saxatilis
Opilio saxatilis

een spin en een hooiwagen

spin
spin

hooiwagen
hooiwagen

Het verschil tussen hooiwagens en spinnen is, dat hooiwagens uit één bolletje met poten bestaan, spinnen hebben altijd een kop borststuk met een achterlijf dus een duidelijke tweedeling. De ogen staan bij de hooiwagens op een heuveltje boven op het lichaam, ze hebben twee ogen, spinnen hebben doorgaans acht of zes ogen.

Daddy longlegs:

In het Engels noemt men de hooiwagens: harvestmen of daddy longlegs. De laatste naam is verwarrend omdat die ook wordt gebruikt voor een spin en voor langpootmuggen.

langpootmug
langpootmug_daddy longlegs

trilspin
trilspin_daddy longlegs

hooiwagen
hooiwagen_daddy longlegs

Mijten

Hooiwagens hebben vaak last van parasitaire mijten. Op de poten zoals bij deze twee Platybunus pinetorum, maar soms ook op het lichaam. Het zijn de larven van de fluweelmijt, zie ook de bladzijde diversen met meer informatie over en foto's van de fluweelmijt.

Platybunus pinetorum met mijt
Platybunus pinetorum met mijt

Platybunus pinetorum met mijt
Platybunus pinetorum met mijt

Mitopus morio met mijten
Mitopus morio met mijten

Rilaena triangularis, juveniel met mijt
Rilaena triangularis, juveniel met mijt

Soorten

In Nederland komen nu 32 soorten voor. Wereldwijd ongeveer 7000 soorten. Een overzicht van de Nederlandse soorten uit 1975 vermeldt 21, (Spoek 1975). pdf Engels. De laatste 39 jaren zijn er dus liefst 11 soorten bijgekomen, een toename van 21 naar 32 dus 52 procent toename. Het zijn soorten uit het zuiden van Europa en Noord Afrika die uitbreiden naar het noorden. Hieronder een lijst in volgorde van eerste waarneming met achteraan de auteur die de eerste waarneming in Nederland beschreef. Enkele met de mogelijkheid dit document te downloaden vanaf de website van Naturalis.nl, natur-in-nrw.de en eis-nederland.nl:

1991 Opilio canestrinii (Thorell, 1876) (Weele 1993)
1993 Dicranopalpus ramosus (Simon, 1909) (Cuppen 1994)
1997 Nemastoma bimaculatum (Fabricius, 1775) (Wijnhoven 1997)
1997 Trogulus nepaeformis (Scopoli, 1763) (Wijnhoven 1998ab
1998 Platybunus pinetorum (C.L. Koch, 1839) (Wijnhoven 1998ba)
2002 Leiobunum sp. A (Wijnhoven et al. 2007) (pdf)
2003 Astrobunus laevipes laevipes (Canestrini, 1872) (Wijnhoven 2003) (pdf)
2004 Nelima sempronii Szalay, 1951 (Wijnhoven 2005) (pdf)
2006 Nelima doriae (Canestrinii, 1871) (Wijnhoven 2007) (pdf)
2012 Leiobunum religiosum Simon, 1879

begin

Soortenoverzicht:


Mitostoma chrysomelas

Mitostoma chrysomelas is redelijk gemakkelijk te herkennen aan de twee palpen die als een soort van vork vooruit steken. Deze palpen zijn dicht met haartjes bezet waarop een druppel kleefstof zit. Het is een kleine hooiwagen, lichaamslengte vrouwtjes tot 2mm, mannetjes tot 1,6mm. Hij heeft wel lange poten. Meestal vind ik hem onder oud hout en oud loszittend schors maar ook wel onder steen. Hij loopt vaak behoorlijk snel en het is lastig goede foto's van hem te maken. Zit hij even stil, dan is het een zeer fotogeniek dier.
Een artikel (Engels) met opmerkingen over de systematiek van deze soortgroep door J. Meijer (Meijer 1973) pdf is te downloaden van de Naturalis website.

Mitostoma chrysomelas juveniel
Mitostoma chrysomelas juveniel

Mitostoma chrysomelas juveniel
Mitostoma chrysomelas juveniel

Mitostoma chrysomelas juveniel
Mitostoma chrysomelas juveniel

Mitostoma chrysomelas juveniel
Mitostoma chrysomelas juveniel

Mitostoma chrysomelas juveniel
Mitostoma chrysomelas juveniel

Mitostoma chrysomelas juveniel
Mitostoma chrysomelas juveniel

Mitostoma chrysomelas adult
Mitostoma chrysomelas adult

Mitostoma chrysomelas adult
Mitostoma chrysomelas adult

begin


Nemastoma bimaculatum

Een zeldzame soort is Nemastoma bimaculatum. Het heeft lang geduurd voor ik de eerste vind. De witte vlekken zijn bij deze soort erg scherp hoekig en hebben een duidelijke inkeping aan de buitenkant. Kijk ook bij de soort Nemastoma lugubre die er veel op lijkt. Lichaamslengte vrouwtjes tot 2.5mm, mannetjes tot 2,2mm.

Nemastoma bimaculatum
Nemastoma bimaculatum

Nemastoma bimaculatum
Nemastoma bimaculatum

Nemastoma bimaculatum
Nemastoma bimaculatum

begin


Nemastoma dentigerum

Nemastoma dentigerum behoort ook tot de kleinere soorten, zoals trouwens deze hele familie. Lichaamslengte vrouwtjes tot 1.9mm, mannetjes tot 1,7mm. Er is een klein probleempje bij het herkennen van deze soort. Er schijnen ook zwarte vormen voor te komen van de soorten die normaal gesproken witte vlekken hebben. Het gevolg is dan dat je een geheel zwarte hooiwagen Nemastoma dentigerum noemt, terwijl het een zwarte uitvoering van één van de andere soorten is. Het is alleen duidelijk als je een mannetje hebt, die heeft op de palpen een tandje.

Nemastoma dentigerum
Nemastoma dentigerum

Nemastoma dentigerum, ♂
Nemastoma dentigerum, ♂

Nemastoma dentigerum, net verveld
Nemastoma dentigerum, net verveld

begin


Nemastoma lugubre

Van de familie Nemastomatidae zie ik Nemastoma lugubre het meest, zelfs enkele exemplaren met een afwijkende tekening heb ik gevonden, zie de onderste twee foto's. De ene heeft een extra grote witte vlek achter op de rug en de andere heeft zelfs twee extra vlekken vlak achter de twee normale. De vorm van de vlekken is afgerond, dit in tegenstelling tot de soort Nemastoma bimaculatum. De dieren vind ik vooral als het heeft geregend en het erg nat is op de bosbodem. Soms zitten er dan meerdere onder één dode tak of schors op de grond. Lichaamslengte vrouwtjes tot 2.7mm, mannetjes tot 1,8mm.

Nemastoma lugubre
Nemastoma lugubre

Nemastoma lugubre
Nemastoma lugubre

Nemastoma lugubre
Nemastoma lugubre, naast een pissebed

Nemastoma lugubre
Nemastoma lugubre, afwijkende vlekken, drie in plaast van twee

Nemastoma lugubre
Nemastoma lugubre, afwijkende vlekken, twee extra achter de twee normale

begin


Paranemastoma quadripunctatum

Paranemastoma quadripunctatum is een zeer zeldzame soort
Henk Soepenberg ontdekt 09-04-2014 een exemplaar in de buurt van Dalfsen in Overijssel. Dat is voor mij een reden op de aangegeven plaats te gaan zoeken, waar ik er ook een vind en foto's kan maken. Later vind ik ze ook in Eys en Winterswijk. Het is een vrij grote hooiwagen in vergelijking met de andere van deze familie. Zowel man als vrouw worden tot 4 mm lang. Er bevinden zich lichte vlekken op het lichaam en er zitten twee rijen uitsteeksels op de rug. Het dier is daarom heel makkelijk te onderscheiden van de andere zwarte hooiwagens.

Paranemastoma quadripunctatum
Paranemastoma quadripunctatum

Paranemastoma quadripunctatum
Paranemastoma quadripunctatum

Paranemastoma quadripunctatum
Paranemastoma quadripunctatum

Paranemastoma quadripunctatum
Paranemastoma quadripunctatum

Paranemastoma quadripunctatum
Paranemastoma quadripunctatum

Paranemastoma quadripunctatum
Paranemastoma quadripunctatum

Paranemastoma quadripunctatum
Paranemastoma quadripunctatum

begin


Astrobunus laevipes

Astrobunus laevipes is een klein dier met korte poten, dat zich bij verstoring niet beweegt, het maakt het vinden erg moeilijk. Lichaamslengte vrouwtjes tot 4,1 mm, mannetjes tot 2,9 mm. Ze zitten meestal onder hout op de hoogwaterlijn van de grote rivieren. Kenmerkend zijn de licht gekleurde stekeltjes bovenop de oogheuvel en de rijen punten op de rug. De soort is zeldzaam in Nederland.

Astrobunus laevipes
Astrobunus laevipes

Astrobunus laevipes
Astrobunus laevipes

begin


Strekpoot, Dicranopalpus ramosus

Eén soort uit deze familie is erg makkelijk herkenbaar, het is de strekpoot Dicranopalpus ramosus. De naam zegt het al dit dier zit meestal met gestrekte poten, alle vier naast elkaar en heeft dan ook nog typisch voor deze soort erg lange gevorkte palpen, geen poten maar mondwerktuigen. Het lijkt erop dat hij vijf paar poten heeft, dat is dus niet zo, alle hooiwagens hebben vier paar poten net als de spinnen trouwens en de mijten, vandaar dat ze worden ingedeeld bij de spinachtigen.
Origineel kwam deze soort voor in Marokko, maar is nu over geheel Europa verspreid. Deze soort komt pas sinds 1993 (eerste waarneming) in Nederland voor (Cuppen 1994) maar is nu al een gewone soort geworden, ze zijn vrij laat in het jaar volwassen, meestal vanaf augustus. Lichaamslengte vrouwtjes tot 6mm, mannetjes tot 4mm. De vrouwtjes hebben een bult achter op het lichaam. Verder zijn de pedipalpen van het vrouwtje ronder en meer behaard dan van het mannetje.
Er is individueel veel verschil in kleur, zie de foto van een heel donker vrouwtje.
De kleurvorm waarbij een donkere band over de ogen loopt, wordt op de Duitse website Wiki des Spinnen-Forums de kleurvorm "Zorro" genoemd.

Dicranopalpus ramosus ♀
Strekpoot, Dicranopalpus ramosus ♀

Dicranopalpus ramosus ♂
Strekpoot, Dicranopalpus ramosus ♂

Dicranopalpus ramosus ♀
Strekpoot, Dicranopalpus ramosus ♀

Dicranopalpus ramosus ♀
Strekpoot, Dicranopalpus ramosus ♀

Dicranopalpus ramosus ♀
Strekpoot, Dicranopalpus ramosus ♀

Dicranopalpus ramosus ♂
Strekpoot, Dicranopalpus ramosus ♂

Dicranopalpus ramosus ♂
Strekpoot, Dicranopalpus ramosus ♂

Dicranopalpus ramosus ♂
Strekpoot, Dicranopalpus ramosus ♂

Dicranopalpus ramosus ♂
Strekpoot, Dicranopalpus ramosus ♂, in zijn geheel op de foto

21-02-2012 Na het avondeten zie ik ineens een hooiwagen over tafel lopen, De manier van bewegen doet me denken aan een strekpoot, maar hij is heel erg klein, het lichaam is ongeveer 1mm lang. Het lukt me om een paar foto's te maken op een van de folders die op tafel liggen. Bij het bekijken van de foto's zie ik dat de gevorkte palpen al aanwezig zijn. Het is dus duidelijk een jonge Dicranopalpus ramosus. Op 12-06-2014 fotografeer ik een kleine hooiwagen met duidelijk gevorkte palpen, witte rugstreep met aantal witte vlekken ernaast, verder achterop het lichaam een witte dwarsstreep. Bij vergelijken met het dier van 21.02-2012, is dezelfde tekening daar aanwezig.

Dicranopalpus ramosus juveniel
Dicranopalpus ramosus juveniel

Dicranopalpus ramosus juveniel
Dicranopalpus ramosus juveniel

Dicranopalpus ramosus juveniel
Dicranopalpus ramosus juveniel

Dicranopalpus ramosus juveniel
Dicranopalpus ramosus juveniel 05-08-2012

begin


Homalenotus quadridentatus

Een platte, kleine hooiwagen, met korte poten en een huid waar het zand makkelijk aan blijft plakken, op de foto's duidelijk te zien. Dat is Homalenotus quadridentatus. Het dier van de foto is door Jinze Noordijk gevonden. Lichaamslengte vrouwen en mannen maximaal 4,5 mm. Er staan twee tanden op de voorkant van het dier, een hele grote met daaronder een kleinere. Op de rug komen rijen donkere vlekken voor aan het eind vier duidelijk uitstekende tanden. Boven het oog zit een aantal kleine tandjes.

Homalenotus quadridentatus
Homalenotus quadridentatus

Homalenotus quadridentatus
Homalenotus quadridentatus

Homalenotus quadridentatus
Homalenotus quadridentatus

Homalenotus quadridentatus
Homalenotus quadridentatus

Homalenotus quadridentatus
Homalenotus quadridentatus

Het dier heb ik mee naar huis gekregen om te kunnen fotograferen. Thuis heb ik het ondergebracht in een plastic bakje met daarin een stuk boomschors uit mijn tuin. Af en toe voer ik een halve druif of stukjes rozijn. Na een drietal maanden zie ik twee jonge hooiwagens lopen, heel erg klein. Hiervan heb ik foto's gemaakt en na elke vervelling weer, zo zie je hieronder de ontwikkeling van de dieren. Nummer 1 is het eerste stadium.

Homalenotus quadridentatus, jong 1
Homalenotus quadridentatus, jong 1

Homalenotus quadridentatus, jong 1
Homalenotus quadridentatus, jong 1

Homalenotus quadridentatus, jong 2
Homalenotus quadridentatus, jong 2

Homalenotus quadridentatus, jong 2
Homalenotus quadridentatus, jong 2

Homalenotus quadridentatus, jong 3
Homalenotus quadridentatus, jong 3

Homalenotus quadridentatus, jong 3
Homalenotus quadridentatus, jong 3

begin


Lacinius ephippiatus

Lacinius ephippiatus is een middelgrote hooiwagen met op de rug een rechthoekige zadeltekening, tenminste bij mannen. Er is een drietand voor de ogen. Vrouwen worden maximaal 4,8 mm, Mannen 4,3 mm. Deze soort dieren vind ik in het bos onder stukken los schors. Op enkele plaatsen in het bos heb ik daar gevonden los schors met de holle kant naar onderen neergelegd. Op mijn wandelingen controleer ik deze stukken schors iedere keer en vaak blijkt er een hooiwagen onder te zitten. Ik heb sterk de indruk dat het een favoriete plaats voor hooiwagens is om onder te vervellen.

Lacinius ephippiatus juveniel
Lacinius ephippiatus juveniel

Lacinius ephippiatus ♀
Lacinius ephippiatus ♀

Lacinius ephippiatus ♀
Lacinius ephippiatus ♀

Lacinius ephippiatus ♂
Lacinius ephippiatus ♂

Lacinius ephippiatus ♂
Lacinius ephippiatus ♂

begin


Leiobunum blackwalli

Bij Leiobunum blackwalli worden vrouwen maximaal 5,2 mm, mannen 3 mm. De zadelvlek op de rug van het vrouwtje is min of meer een driehoek die plotseling stopt en gevolgd wordt door een licht gekleurd segment. Mannen en vrouwen herken je ook aan de oogheuvel, deze heeft bij beide geslachten een donkere streep in het midden en lichte randen rond de ogen. Leiobunum rotundum lijkt er veel op, maar is makkelijk te onderscheiden. Hier heeft de oogheuvel een lichte middenstreep met donkere randen rond de ogen en hebben vrouwen een andere zadeltekening.

Leiobunum blackwalli ♀
Leiobunum blackwalli ♀

Leiobunum blackwalli ♀
Leiobunum blackwalli ♀

Leiobunum blackwalli ♀
Leiobunum blackwalli ♀

 

Leiobunum blackwalli ♂
Leiobunum blackwalli ♂

Leiobunum blackwalli ♂
Leiobunum blackwalli ♂

Leiobunum blackwalli juveniel
Leiobunum blackwalli juveniel

Leiobunum blackwalli juveniel
Leiobunum blackwalli juveniel

begin


Leiobunum religiosum

Op 30-09-2012 vindt Johan Bink een vrouwtje hooiwagen van een soort die nog niet eerder in Nederland is aangetroffen. De vondst wordt gemeld op het forum van waarneming.nl en het blijkt een Leiobunum religiosum te zijn. Door Jinze Noordijk, de voorzitter van de hooiwagenwerkgroep, Arp Kruithof, Johan Bink die het eerste vrouwtje heeft gevonden, verder ik zelf, wordt op 11-10-2012 een zoekexcursie georganiseerd om meer exemplaren van deze soort aan te tonen.
De foto's zijn van de allereerste exemplaren van deze soort die in Nederland zijn gevonden. De bovenste twee foto's zijn van het vrouwtje. De onderste twee van een mannetje. Kenmerkend voor de soort zijn de licht gekleurde palpen, zwarte vlekken aan de onderkant en een typische rugtekening. De vrouwen van deze soort worden maximaal 7,5 mm de mannen 5,5 mm. De soort komt ook voor in Duitsland, Frankrijk en Italië.

Leiobunum religiosum ♀
Leiobunum religiosum ♀

Leiobunum religiosum ♀
Leiobunum religiosum ♀

Leiobunum religiosum ♂
Leiobunum religiosum ♂

Leiobunum religiosum ♂
Leiobunum religiosum ♂

Leiobunum religiosum ♂
Leiobunum religiosum, ♂, 16-09-2014

begin


Leiobunum rotundum

Deze hooiwagen zoekt zijn soortgenoten op en in het natuurgebied Het Metbroekbosch in Smeerling heb ik de soort op verschillende plaatsen gevonden op 22-07-2011. Eerst een viertal in een hopplant dicht bij elkaar, ook enkelingen op brandnetel en later op drie verschillende eikenbomen in een veel grotere groep. Het is een vreemd gezicht als je bij zo'n boom komt, zie je een hooiwagen naar de achterkant van de stam rennen. Je loopt ook om de stam en ziet dan een hele groep hooiwagens voor je uit rennen. Dit wegrennen zie je soms ook bij Platybunus pinetorum maar dan is er maar één exemplaar dat wegrent en deze springt van de boom als je te snel nadert, dit afspringen heb ik bij rotundum niet gezien.
Leiobunum rotundum heeft erg lange poten en heeft een maximale lichaamslengte voor de vrouwen van 5.9mm, voor de mannen 3.6mm. Heel opvallend en een soortkenmerk is de zwarte oogheuvel met lichtere streep in het midden. De mannen zijn roodachtig zonder tekening de vrouwen hebben een zwarte rechthoek op de rug en een zwarte driehoek voor de ogen.

Leiobunum rotundum ♂
Leiobunum rotundum ♂

Leiobunum rotundum ♂
Leiobunum rotundum ♂

Leiobunum rotundum
Leiobunum rotundum

Leiobunum rotundum ♀
Leiobunum rotundum ♀

Leiobunum rotundum ♀
Leiobunum rotundum ♀

Leiobunum rotundum stel
Leiobunum rotundum stel

Leiobunum rotundum juveniel
Leiobunum rotundum juveniel

Leiobunum rotundum juveniel
Leiobunum rotundum juveniel

begin


Reuzenhooiwagen, Leiobunum spec.A

Deze soort hooiwagen komt sinds ongeveer het jaar 2000 in Nederland voor en het is nu wel duidelijk dat het een nieuwe soort voor de wetenschap betreft. Het is een heel grote soort met zeer lange poten, tot 90 mm en een maximale lichaamslengte van de vrouwen van 6,4 mm, van de mannen 4,9 mm. Deze soort vormt soms hele verzamelingen van hooiwagens zodat er een grote zwarte vlek op een muur ontstaan van soms wel honderden dieren.
Het dier is veel geobserveerd door Hay Wijnhoven zie (in het Engels): Wijnhoven, Hay (2011) pdf met een uitgebreide beschrijving van het gedrag van dit dier.

Leiobunum spec A
Leiobunum spec A juveniel 17-05-2014

Leiobunum spec A
Leiobunum spec A juveniel 17-05-2014

Leiobunum spec A
Leiobunum spec A ♀

Leiobunum spec A ♀ met legbuis
Leiobunum spec A ♀ met legbuis

Leiobunum spec A ♂
Leiobunum spec A ♂

Leiobunum spec A ♂
Leiobunum spec A ♂

begin


Lophopilio palpinalis

Lophopilio palpinalis wordt tot 4mm lang. Eerst wat foto's van een nog onvolwassen dier. Volgens het boekje is deze soort vanaf augustus volwassen. Kenmerkend zijn vier tandjes op de oogheuvel waarbij de tweede iets langer is, vanaf de zijkant lijkt het een kroontje. Vooraan bevindt zich een drietand met de middelste tand als langste. De soort is vrij zeldzaam.

Lophopilio palpinalis
Lophopilio palpinalis, juveniel 07-05-2015

Lophopilio palpinalis
Lophopilio palpinalis, juveniel 02-06-2013

Lophopilio palpinalis
Lophopilio palpinalis, juveniel 15-07-2011

Lophopilio palpinalis
Lophopilio palpinalis

Lophopilio palpinalis
Lophopilio palpinalis

Lophopilio palpinalis
Lophopilio palpinalis

Lophopilio palpinalis
Lophopilio palpinalis

begin


Mitopus morio

De vrouwtjes worden tot ruim 8,2mm, mannetjes tot 5,3mm. Het is van de hooiwagens de soort die het grootste verspreidings gebied heeft, alle gematigde en koude gebieden van Europa, Azië en Noord Amerika. De soort is langpotig, al hebben de dieren uit koudere gebieden (het hooggebergte en de noordelijke koude gebieden) kortere poten. Deze dieren hebben vaak een lichte streep op de rug. Bij dieren uit Nederland en Noord Duitsland kan deze lichte streep ook voorkomen.

Mitopus morio juveniel
Mitopus morio juveniel

Mitopus morio juveniel
Mitopus morio juveniel

Mitopus morio ♂
Mitopus morio ♂

Mitopus morio ♀
Mitopus morio ♀

Mitopus morio ♂
Mitopus morio ♂

Mitopus morio ♀
Mitopus morio ♀

Mitopus morio ♀
Mitopus morio ♀

06-07-2013. Volgens een recente internet publicatie van 4 juni 2013 Arthofer et al. 2013 (Epub) is het niet zo eenvoudig als hierboven beschreven. Er blijken minstens drie, nauwelijks van elkaar te onderscheiden, soorten in Oostenrijk voor te komen. Dit is gebleken uit een onderzoek aan een beperkt aantal dieren en er zal meer onderzoek aan deze soort moeten worden gedaan voordat er een definitieve publicatie komt.

begin


Nelima doriae

Nelima doriae is in Nederland van slechts één plaats bekend. Hij is voor het eerst gevonden door Hay Wijnhoven in Kessel, provincie Limburg in 2006. (Wijnhoven, 2007) Aangenomen wordt dat deze soort door de mens is verspreid. Vrouwtjes worden tot 6 mm, mannetjes tot 3,8 mm lang. De soort is zeer zeldzaam, van oorsprong komen ze voor in het Middellandse-Zeegebied. Het is een moeilijk van Nelima sempronii te onderscheiden soort, je moet op kleine details letten als je het dier van een foto wilt herkennen. Er zit verschil in de oogheuvel, bij doriae is er een zwarte band om het oog en is de voorkant van de heuvel donkerder bruin, bovenop licht van kleur. Het duidelijkste verschil zit in de vrouwtjes, die zijn donkerder van kleur dan de semproni vrouwen.

Nelima doriae
Nelima doriae, ♂

Nelima doriae
Nelima doriae, ♀

Nelima doriae
Nelima doriae, juveniel

Nelima doriae
Nelima doriae

begin


Nelima gothica

Nelima gothica leeft in de buurt van de kust of bij stromend water. Het is een bodem soort die tussen de planten zit of onder stenen en hout. De vrouwtjes worden tot 4,7 mm, mannetjes tot 3,5 mm lang. De soort is zeer zeldzaam. Het exemplaar van de foto is gevonden door Johan Bink.

Nelima gothica
Nelima gothica

Nelima gothica
Nelima gothica

begin


Nelima sempronii

Nelima sempronii is een vrij eenvoudig bruin gekleurde hooiwagen. De soort is zeldzaam, deze twee zijn gefotografeerd in de Ooijpolder bij Nijmegen. (Met dank aan Hay Wijnhoven) Voor de oogheuvel zit een opvallende lichte streep. De uiteinden van de palpen zijn naar binnen gebogen. Achter op het lichaam bevinden zich lichte strepen en over het gehele lichaam zijn lichte stippen te zien.

Nelima sempronii, ♂
Nelima sempronii, ♂

Nelima sempronii, ♀
Nelima sempronii, ♀

begin


Odiellus spinosus

Odiellus staat te boek als een zeldzame hooiwagen en het lukt me niet hem in de buurt van mijn woonplaats te ontdekken. Op 23-06-2012 belt een vriend van me, Peter Wieringa, me op dat hij er drie in zijn tuin heeft gezien en er een van in een potje heeft gedaan om er foto's van te kunnen maken. Daarom in de auto en naar Peter om foto's te maken. Het dier werkt redelijk mee en na een serie foto's gaat hij weer de tuin in. Deze soort hooiwagen heeft korte poten en een groot lichaam, alleen daardoor valt hij al op. Verder staan er drie tanden voor de oogheuvel waarvan de wortels tot in de oogheuvel lijken door te lopen. Een makkelijk te herkennen soort dus. De vrouwtjes worden tot 10,5mm, mannetjes tot 8,5mm.

Odiellus spinosus
Odiellus spinosus, juveniel

Odiellus spinosus
Odiellus spinosus

Odiellus spinosus
Odiellus spinosus

Odiellus spinosus
Odiellus spinosus

begin


Oligolophus hanseni

De hooiwagen Oligolophus hanseni is klein en lijkt veel op de drietandhooiwagen. Je kunt hem er van onderscheiden door de oogheuvel. Bij de drietand is de oogheuvel glad en licht van kleur, bij hanseni is de oogheuvel donker met lichte tanden. Beide dieren hebben voor de ogen aan de rand van het lichaam een aantal tanden. Hanseni heeft vijf tandjes op een rij waar de drietand er drie heeft. Vrouwtjes van deze soort kunnen maximaal 5mm, mannetjes 3,5mm worden. Het is een algemeen voorkomende soort. Dieren die gefotografeerd zijn op een donkere rood bruine achtergrond zitten onder stukken dood schors, dieren met een groene achtergrond zitten op beuken stammen.

Oligolophus hanseni
Oligolophus hanseni

Oligolophus hanseni
Oligolophus hanseni

Oligolophus hanseni
Oligolophus hanseni

Oligolophus hanseni
Oligolophus hanseni

Oligolophus hanseni
Oligolophus hanseni

Oligolophus hanseni
Oligolophus hanseni

Oligolophus hanseni
Oligolophus hanseni

begin


Drietandhooiwagen, Oligolophus tridens

De Drietandhooiwagen, Oligolophus tridens heeft drie stekeltjes voor de oogheuvel waarvan de middelste het langst is. De tekening op de rug is een niet erg duidelijk afgetekend rechthoekig zadel, dat aan de achterkant eindigt in twee naar achteren gebogen halve cirkels. Daarachter zie je vaak nog twee stippen. Het komt ook voor dat het lichaam erg licht van kleur is zonder dat het zadel zichtbaar is, de kleur is dus een niet bruikbaar kenmerk bij deze soort. Overigens zijn ook andere soorten variabel in kleur. De eerste twee foto's laten de drietand en de rugtekening bij het vrouwtje goed zien. Bij de onderste foto van de man is ook duidelijk zichtbaar dat de middelste van de drie tanden het langst is. Beide geslachten kunnen een lichaamslengte van 5,2 mm halen. Ze hebben korte poten, het zijn kleine dieren en het is een veel voorkomende soort. Onder losliggend schors in het bos en tussen het gras en onkruid kom je ze veel tegen, ook zitten ze vaak op de bladeren van de brandnetel.

Oligolophus tridens
Drietandhooiwagen, Oligolophus tridens

Oligolophus tridens
Drietandhooiwagen, Oligolophus tridens

Oligolophus tridens
Drietandhooiwagen, Oligolophus tridens

Oligolophus tridens
Drietandhooiwagen, Oligolophus tridens

Oligolophus tridens ♂
Drietandhooiwagen, Oligolophus tridens, ♂

Oligolophus tridens ♂
Drietandhooiwagen, Oligolophus tridens, ♂

begin


Rode hooiwagen, Opilio canestrinii

Deze hooiwagen is voor het eerst in Nederland waargenomen in 1991 (Van der Weele 1993), tegenwoordig is het een veel voorkomende soort. Herkenbaar door de lichte dwars strepen op de rug. De oogheuvel is hoog en heeft tot vijf tanden, de ogen zijn wit omrand. De poten zijn voorzien van rijen zwarte tandjes en zijn zeer lang. Lichaamslengte vrouwtjes tot 8.1mm, mannetjes tot 6.1mm. Volwassen vanaf juli tot en met december.

Opilio canestrinii juveniel
Rode hooiwagen, Opilio canestrinii juveniel

Opilio canestrinii juveniel
Rode hooiwagen, Opilio canestrinii juveniel

Opilio canestrinii net verveld, oude huid ligt er onder
Rode hooiwagen, Opilio canestrinii net verveld, oude huid ligt er onder

Opilio canestrinii ♂
Rode hooiwagen, Opilio canestrinii ♂

Opilio canestrinii ♂
Rode hooiwagen, Opilio canestrinii ♂

Opilio canestrinii ♂
Rode hooiwagen, Opilio canestrinii ♂

Opilio canestrinii ♀
Rode hooiwagen, Opilio canestrinii ♂

Opilio canestrinii ♀
Rode hooiwagen, Opilio canestrinii ♀

Opilio canestrinii ♀
Rode hooiwagen, Opilio canestrinii ♀

Opilio canestrinii ♀
Rode hooiwagen, Opilio canestrinii ♀

Opilio canestrinii ♀
Rode hooiwagen, Opilio canestrinii ♀

 

begin


Opilio parietinus

Opilio parietinus vroeger één van de meest voorkomende soorten nu bijna geheel verdrongen door Opilio canestrinii. De muur hooiwagen lijkt wel op de rode hooiwagen maar de kenmerkende witte dwarsstrepen ontbreken. De vrouwtjes worden tot 7,8 mm lang, de mannetjes tot 6,5 mm. De dieren zijn volwassen vanaf augustus tot eind november. Deze soort leeft op de muren van gebouwen en in holen. De foto's zijn gemaakt op één van de twee laatste vindplaatsen van deze soort in Nederland, in een spoortunneltje tussen Wijlre en Eys in Zuid Limburg. De andere vindplaats is in Rotterdam onder een viaduct. Beide vindplaatsen zijn koud en donker en waarschijnlijk kan Opilio parietinus daar beter tegen dan Opilio canestrinii. (Noordijk, 2014)

Opilio parietinus, juveniel
Opilio parietinus, juveniel

Opilio parietinus, ♀
Opilio parietinus, ♀

Opilio parietinus, ♀
Opilio parietinus, ♀

Opilio parietinus, ♂
Opilio parietinus, ♂

Opilio parietinus, ♂
Opilio parietinus, ♂

Tunnel Eys
Tunnel Eys

begin


Opilio saxatilis

Deze hooiwagen is van oorsprong een Zuid Europese soort die door de mens over geheel Europa is verspreid. De soort houdt van droge warme plaatsen. Ik vond hem 28-06-2011 op een muurtje van een grote plantenbak in de tuin van een kasteeltje in Vlaanderen. De vrouwtjes worden tot 6 mm lang, de mannetjes tot 5,2mm. Ze zijn volwassen vanaf juli tot december. Kenmerkend voor deze soort is de enkele tuberkel (tand) aan de zijkant naast de oogheuvel.
30-07-2011. Vanmorgen heb ik deze soort in de eigen tuin gevonden. Dit exemplaar is waarschijnlijk nog niet helemaal volwassen, maar moet nog een keer vervellen. De twee onderste foto's zijn van mijn "eigen" dier.

Opilio saxatilis
Opilio saxatilis

Opilio saxatilis
Opilio saxatilis

Opilio saxatilis
Opilio saxatilis

Opilio saxatilis
Opilio saxatilis

begin


Bonte hooiwagen, Paroligolophus agrestis

Kleine, kort potige soort. Brede lichte streep over de rug en een vijftandig heuveltje voor op het lichaam. Lichaamslengte vrouwtjes tot 4.5mm, mannetjes tot 3.6mm. De dieren zijn volwassen vanaf juli en kunnen bij zachte winters tot aan maart worden waargenomen.

Paroligolophus agrestis
Bonte hooiwagen, Paroligolophus agrestis

Paroligolophus agrestis
Bonte hooiwagen, Paroligolophus agrestis

Paroligolophus agrestis
Bonte hooiwagen, Paroligolophus agrestis

Paroligolophus agrestis
Bonte hooiwagen, Paroligolophus agrestis

 

Paroligolophus agrestis
Bonte hooiwagen, Paroligolophus agrestis, pas verveld adult

Paroligolophus agrestis juveniel
Bonte hooiwagen, Paroligolophus agrestis
juveniel 13-05-2013

Paroligolophus agrestis juveniel
Bonte hooiwagen, Paroligolophus agrestis
juveniel 16-05-2013

Paroligolophus agrestis
Bonte hooiwagen, Paroligolophus agrestis juv

begin


Gewone hooiwagen, Phalangium opilio

Grote langbenige hooiwagen met een karakteristieke witte onderkant. Lichaamslengte vrouwtjes tot 7mm, mannetjes tot 6mm. Op de rug een duidelijke zadel tekening. De mannetjes hebben een zeer grote doorn op de cheliceren, dit is zeer opvallend en maakt de mannen makkelijk herkenbaar. De vrouwtjes kun je eventueel verwarren met die van Mitopus morio, maar zijn duidelijk te herkennen aan de twee tanden boven de cheliceren, de twee witte puntjes op de foto die je ziet uitgaande van de oogheuvel naar voren op de rand van het witte vlak dat je dan tegenkomt. Dit is een soort die van warmte houdt en je kunt hem vinden op open plaatsen, zelfs in de zon. In donkere bossen zul je hem niet aantreffen.

Phalangium opilio ♂
Gewone hooiwagen, Phalangium opilio ♂

Phalangium opilio ♂
Gewone hooiwagen, Phalangium opilio ♂

Phalangium opilio ♀
Gewone hooiwagen, Phalangium opilio ♀

Phalangium opilio ♀
Gewone hooiwagen, Phalangium opilio ♀

Phalangium opilio ♀
Gewone hooiwagen, Phalangium opilio ♀

Phalangium opilio juveniel
Gewone hooiwagen, Phalangium opilio juveniel

Phalangium opilio juveniel
Gewone hooiwagen, Phalangium opilio juveniel

Phalangium opilio juveniel
Gewone hooiwagen, Phalangium opilio juveniel

Er zit een addertje onder het gras bij de determinatie van de gewone hooiwagen, als je denkt dat deze soort al lang volwassen is en je komt een klein exemplaar tegen met een redelijk gladde oogheuvel, ben je geneigd om er een M. morio van te maken. Ook de twee tandjes boven de palpen zijn bij de jonge dieren nog vaak niet aanwezig. Dat overkomt mij bij het dier van de twee foto's hieronder. De foto is gemaakt in januari 2012 en als je dan een kleine hooiwagen vindt denk je aan de kleine soorten. Maar van Phalangium opilio kun je het hele jaar door jonge en nog niet volwassen exemplaren tegen komen. Dit dier zat op een paaltje langs een grasveld in Kampen. Op zo'n open plaats moet je dus eerst eens kijken of het geen gewone hooiwagen kan zijn.

Phalangium opilio juveniel
Gewone hooiwagen, Phalangium opilio juveniel 1,3 mm

Phalangium opilio juveniel
Gewone hooiwagen, Phalangium opilio juveniel

Phalangium opilio vechtende mannen
Gewone hooiwagen, Phalangium opilio vechtende mannen

begin


Platybunus pinetorum

Dit is een in Nederland nog zeer zeldzame hooiwagen die naar het lijkt zich sterk aan het uitbreiden is. Tot 2010 was hij van enkele plaatsen in midden Nederland bekend. In 2011 komen daar bij Zuid Limburg, omgeving Apeldoorn, omgeving Ommen en de boswachterij Odoorn in Drenthe.
De soort overwintert als juveniel, evenals de voorjaarshooiwagen. Vanaf eind maart tot eind juni zijn de dieren volwassen. Lichaamslengte vrouwtjes tot 8mm, mannetjes tot 5.6mm. Deze dieren tref je aan op de koelere plaatsen, vooral dicht bos. De meeste exemplaren vind ik op de stammen van loofbomen, beuk, berk, eik maar ook op naaldhout. Stammen van naaldbomen hebben een ruige bast en het is hierop moeilijker om de dieren te zien, ze zitten er wel degelijk. Platybunus heeft een erg brede oogheuvel, die weinig is ingedeukt tussen de ogen, bij de voorjaarshooiwagen is de deuk dieper en de heuvel smaller. Zie ook de foto's helemaal onderaan waar beide soorten naast elkaar staan. Opvallend is de sterke tekening van de vrouwtjes en het zeer donker van kleur zijn van de mannen. Beide geslachten hebben flinke tanden op de pedipalpen, dit is al bij onvolwassen dieren te zien.
Op de oude vindplaatsen treft men vaak alleen vrouwtjes aan, mannen zijn een uitzondering. In Odoorn vind ik zowel mannen als vrouwen, iets meer vrouwen. De veronderstelling is dat de dieren een besmetting hebben met een bacterie (Wolbachia of Cardinium) die voorkomt dat er mannen worden geboren en de vrouwtjes parthenogenetisch laat voortplanten. Een Engels artikel hierover kun je hier: (Martin, 2009) pdf downloaden. Volgens Hay Wijnhoven komt dit verschijnsel ook voor bij de Nederlandse populatie van de hooiwagen Trogulus tricarinatus. De toekomst moet uitwijzen of de populatie in Odoorn ook steeds meer vrouwen en minder mannen zal hebben.

Platybunus pinetorum ♀
Platybunus pinetorum ♀

Platybunus pinetorum ♂
Platybunus pinetorum ♂

Platybunus pinetorum ♀
Platybunus pinetorum ♀

Platybunus pinetorum ♂
Platybunus pinetorum ♂

Platybunus pinetorum ♂
Platybunus pinetorum ♂

Platybunus pinetorum ♀
Platybunus pinetorum ♀

De eerste jongen zie je in juli, de oogheuvel is in verhouding tot het lichaam geweldig groot, haast zo breed als het lichaam en heeft nu al de oranje kleur die zo kenmerkend is voor de soort, evenals de brede gladde welving tussen de ogen.

Platybunus pinetorum juveniel
Platybunus pinetorum juveniel

Platybunus pinetorum juveniel
Platybunus pinetorum juveniel

Platybunus pinetorum juveniel
Platybunus pinetorum juveniel

Na een vervelling is de oogheuvel in verhouding tot het lichaam niet meer zo groot, maar toch groter dan bij de volwassen dieren. Soms blijft een jonge hooiwagen zelfs zitten als er een springstaart overheen loopt. Deze springstaart is ongeveer 3 mm lang, zo kan je goed zien hoe klein de hooiwagen nog is.

springstaart en Platybunus pinetorum juveniel
springstaart en Platybunus pinetorum juveniel

Platybunus pinetorum juveniel
Platybunus pinetorum juveniel

Platybunus pinetorum juveniel
Platybunus pinetorum juveniel

Platybunus pinetorum juveniel
Platybunus pinetorum juveniel

begin


Voorjaars hooiwagen, Rilaena triangularis

In de Engelse literatuur wordt voor Rilaena triangularis (Herbst, 1799)
de naam Platybunus triangularis Simon, 1879 gebruikt.

Evenals Platybunus overwintert de voorjaarshooiwagen als juveniel. Hij wordt april tot eind juli volwassen. Lichaamslengte vrouwtjes tot 7mm, mannetjes tot 4.5mm. De mannetjes zijn licht geel bruin, de vrouwtjes iets donkerder bruin met een duidelijke zadel tekening die bij de mannen ontbreekt. De oogheuvel vormt een belangrijk determinatie kenmerk, een hoge, getande diep ingesneden verhoging. 16-09-2011 Het is me gelukt een kleine (enkele mm) voorjaarhooiwagen te vinden die even wil poseren. Duidelijk zijn weer de verhoudingsgewijs grote oogheuvel die erg donker is in vergelijking met de voorgaande soort, bovendien zie je hier op de oogheuvel ook kleine tandjes.

Voorjaars hooiwagen, Rilaena triangularis juveniel
Voorjaars hooiwagen, Rilaena triangularis juv

Voorjaars hooiwagen, Rilaena triangularis juveniel
Voorjaars hooiwagen, Rilaena triangularis juv

Voorjaars hooiwagen, Rilaena triangularis
Voorjaars hooiwagen, Rilaena triangularis

Voorjaars hooiwagen, Rilaena triangularis
Voorjaars hooiwagen, Rilaena triangularis

Voorjaars hooiwagen, Rilaena triangularis
Voorjaars hooiwagen, Rilaena triangularis

Voorjaars hooiwagen, Rilaena triangularis
Voorjaars hooiwagen, Rilaena triangularis

Voorjaars hooiwagen, Rilaena triangularis
Voorjaars hooiwagen, Rilaena triangularis

begin


Ter vergelijking: Voorjaarshooiwagen en Platybunus pinetorum

Voorjaars hooiwagen, Rilaena triangularis
Voorjaars hooiwagen, Rilaena triangularis

Platybunus pinetorum ♀
Platybunus pinetorum ♀

begin


Trogulidae

Deze groep van hooiwagens heeft een geheel ander voorkomen dan de anderen. In plaats van een rond bolletje met lange poten zijn dit langwerpige dieren met korte poten. Wel zijn er hier ook twee ogen op een heuveltje. Net als bij Homalenotus hebben deze dieren ook haartjes waar zand en dergelijk tussen blijft zitten, zodat ze goed gecamoufleerd zijn. Het zijn slakkeneters en ze zijn zeldzaam in Nederland. De groep van de Trogulidae is beschreven door Wijhoven et al 2014. Hierdoor is er duidelijkheid gekomen in het al of niet voorkomen van de drie soorten Trogulus in Nederland. (Wijnhoven et al 2014). Het artikel bevat een determinatietabel om de soorten op naam te brengen. Op de foto's zijn twee belangrijke onderscheidingskenmerken aangegeven. Doordat het alcohol exemplaren zijn is de kleur niet zoals die bij levende dieren is. Op de eerste foto zijn bij de drie soorten de verhoudingen aangegeven tussen oogafstand en kaplengte, dit blijkt de soorten te definieren. De tweede poten zijn op de andere foto te zien. Hier is ook verschil tussen de soorten te zien. De lengte verhoudingen van de laatste drie pootdelen, tibia, metatars en tars, is bij de soorten verschillend.

Trogulus
a.Trogulus tricarinatus vrouwtje b.T. closanicus mannetje c.T. nepaeformis mannetje

Trogulus
a.Trogulus tricarinatus vrouwtje b.T. closanicus mannetje c.T. nepaeformis mannetje


Trogulus closanicus

Bij deze soort staan de ogen ver uit elkaar en worden meer mannen dan vrouwen gevonden. In potvallen zijn de mannen zelfs vijf keer zo vaak aanwezig dan de vrouwen. De mannen worden tot 6.5 mm de vrouwen tot 7.6 mm lang.

Trogulus closanicus
Trogulus closanicus

Trogulus closanicus
Trogulus closanicus

begin


Trogulus tricarinatus

Dit is de kleinste van de drie Nederlandse soorten, mannen tot 5,1 mm vrouwen tot 5,9 mm lang. Het exemplaar van de foto is de eerste die in Noord-Braband is gevonden, door Dick Belgers. Van deze soort worden vrijwel alleen vrouwen gevonden zodat wordt aangenomen dat ze zich parthenogenetisch voortplanten.

Trogulus tricarinatus
Trogulus tricarinatus

Trogulus tricarinatus
Trogulus tricarinatus

Trogulus tricarinatus
Trogulus tricarinatus

Trogulus tricarinatus
Trogulus tricarinatus

begin


 

Bedankt

Graag wil ik Joost Vogels, Arp Kruithof en Hay Wijnhoven bedanken voor de grote hoeveelheid informatie die ze me hebben verschaft via het forum van Waarneming.nl. Hierdoor werd mijn interesse in de hooiwagens sterk aangewakkerd.

 

literatuur:

 

Nature Stock Photography
Mijn foto's zijn te koop bij Nature in Stock.
My photos are for sale at Nature in Stock.