Nederlands English

Klasse COLLEMBOLA Lubbock, 1870

langwerpige springstaarten.

Veel foto's.

Je kunt alle soorten langs gaan, maar je kunt ook een keus maken uit het: soortenoverzicht

Orchesella flavescens
Orchesella flavescens


 

Podura aquatica Linnaeus, 1758. Heel gewoon en wijd verspreid.

Podura aquatica moet een veelvoorkomende soort zijn die sterk aan water is gebonden. Op stilstaande wateren kan hij soms massaal voorkomen. Langer dan een jaar nadat ik me intensief met de springstaarten ben gaan bezighouden, kom ik hem voor het eerst tegen op een regenplas naast een nat heide terrein. Het is een kleine springstaart, maximaal 1,5mm. Opmerking Frans Janssens: Met karakteristieke en duidelijk lange klauwen.

Podura aquatica
Podura aquatica

Podura aquatica
Podura aquatica

Podura aquatica
Podura aquatica

begin


Brachystomella parvula (Schäffer, 1896). Gewoon en wijd verspreid.

Een heel klein springstaartje, tot ongeveer één mm lang. Ze hebben een opvallende kleur, geen stekels aan de achterkant en aan beide zijden 8 ocellen.

Brachystomella parvula
Brachystomella parvula

Brachystomella parvula
Brachystomella parvula

Brachystomella parvula
Brachystomella parvula

begin


Ceratophysella bengtssoni (Agren, 1904). Zeldzaam.

Dit is een moeilijke familie, er komen in Nederland een dertigtal soorten voor en de dieren zijn over het algemeen erg klein. Dat maakt het moeilijk om ze van een foto te determineren. Het determineren gaat aan de hand van de beharing. Daarom is het gebruikelijk de dieren te doden en op een microscoop glaasje te plakken. Dan kunnen met een microscoop de haren worden bekeken. Ceratophysella bengtssoni wordt gedetermineerd door de zeer kleine anale stekels, volgens Frans in feite bijna niet zichtbaar in deze afbeelding.

Ceratophysella bengtssoni
Ceratophysella bengtssoni

Ceratophysella bengtssoni
Ceratophysella bengtssoni

begin


Ceratophysella denticulata (Bagnall, 1941). Gewoon en wijd verspreid.

Bij Ceratophysella denticulata zijn op het vierde achterlijf segment de twee middelste seta (haar) p1 korter dan de er naast staande p2.

Ceratophysella denticulata
Ceratophysella denticulata

Ceratophysella denticulata
Ceratophysella denticulata

Enkele voorbeelden van Hypogastruridae die niet verder op naam zijn te brengen.

Hypogastruridae spec.
Hypogastruridae spec.

Hypogastruridae spec.
Hypogastruridae spec.

begin


Ceratophysella gibbosa (Bagnall, 1940). Niet vermeld.

Ceratophysella gibbosa heb ik gevonden en gefotografeerd tijdens een excursie met Matty Berg. Het dier is door Matty verzameld en gedetermineerd. In een bos bij Zaandam ligt een dode boom op de grond, als ik een stuk schors van de rottende stam trek, vind ik daar het dier, dat opvalt door zijn lichte kleur.

Ceratophysella gibbosa
Ceratophysella gibbosa

Ceratophysella gibbosa
Ceratophysella gibbosa

begin


Hypogastrura litoralis (Axelson, 1907). Niet vermeld.

Hypogastrura litoralis is een soort die in Nederland alleen bekend is van de omgeving Nijmegen. Ik heb ze gevonden aan de oever van de Waal in de Ooijpolder bij Nijmegen. De dieren zijn van het formaat van een Neanura muscorum, vrij groot dus.

Hypogastrura litoralis
Hypogastrura litoralis

Hypogastrura litoralis
Hypogastrura litoralis

Hypogastrura litoralis
Hypogastrura litoralis

begin


Hypogastrura viatica (Tullberg, 1872). Erg Gewoon en wijd verspreid.

Bij een bezoek aan de Waddenkust bij Moddergat, blijken op de aangespoelde wieren enorme aantallen springstaartjes voor te komen. Ze zijn zeer bewegelijk en springen veel. Enkele dagen later heeft Matty Berg op dezelfde plaats ook de dieren aangetroffen en er enkele ter determinatie verzameld. Het blijkt Hypogastrura viatica te zijn een zeer algemene soort.

Hypogastrura viatica
Hypogastrura viatica

begin


Schaefferia sp.

Achter de schors van de kastanjeboom naast ons huis ontdek ik een zeer klein springstaartje. Volgens mij is het een jonge Neanura muscorum en zo zet ik hem op Flickr.com. Frans maakt er een Schaefferia sp. van, omdat er minder dan 8 ocellen zijn en lange stekels aan de achterkant.

Schaefferia sp.
Schaefferia sp.

begin


Xenylla grisea Axelson. 1900. Zeldzaam.

Xenylla grisea is een zeer klein springstaartje dat ik in mijn tuin heb gevonden op een stukje met mos begroeide eikentak. Een van de kenmerken van deze soort is dat ze maar vijf ocelli hebben. Verdere kenmerken van deze soort zijn moeilijk te zien op een foto. Deze foto is door Frans Janssens op naam gebracht.

Xenylla grisea
Xenylla grisea

begin


Xenylla maritima Tullberg, 1869. Heel gewoon en wijd verspreid.

Xenylla maritima is vooral aan te treffen achter de schors van de plataan. Soms vind je ze daar in grote aantallen. Het is een kleine springstaart en ik vind het lastig hem te onderscheiden van andere kleine blauw grijze soorten. Dat is ook de reden dat ik deze soorten nu pas beter ga bekijken. Ik denk andere soorten springstaarten redelijk te kunnen herkennen. Kenmerkend voor deze soort zijn de vijf ocelli.

Xenylla maritima
Xenylla maritima

Xenylla maritima
Xenylla maritima

begin


Anurida granaria (Nicolet, 1847). Zeldzaam.

In een park bij Zaandijk waar het onderhoud vrij natuurlijk is, er lopen oa runderen, komen we een heel leuk wit springstaartje tegen dat mij doet denken aan Neanura muscorum. Matty die het dier heeft gevonden weet dat het een andere soort is en wel Anurida granaria. Net als andere witte soorten valt het fotograferen niet mee, op de donkere ondergrond raakt je belichtings systeem van de camera in de war. Je moet handmatig compenseren anders krijg je geen enkele tekening op de dieren.

Anurida granaria
Anurida granaria

Anurida granaria
Anurida granaria

begin


Anurida maritima (Guérin-Méneville, 1836). Gewoon.

Een veel voorkomende springstaart van de kust gebieden, ze zitten onder stenen en ook op het wateroppervlak. Je kunt het vergelijken met Podura aquatica van het zoete water. Soms komen ze ook in grote aantallen voor. Beide ogen bestaan uit vijf ocellen. De dieren kunnen ruim 3 mm lang worden. Hij is blauw grijs van kleur, vandaar de Nederlandse naam: Blauwe Springstaart. Een springstaart ontbreekt (zie foto van de onderkant), waardoor hij niet kan springen.

Anurida maritima
Anurida maritima

Anurida maritima
Anurida maritima

begin


Bilobella braunerae (Deharveng, 1981). Zeldzaam.

Fel oranje van kleur is Bilobella braunerae. Deze soort is voor het eerst beschreven voor Nederland in 2009. Onderaan deze bladzijde is een link waarmee je deze beschrijving kunt downloaden (Berg, 2009 bilobella and neanura). Het is een zeldzaam dier, bekend van een drietal plaatsen in Nederland. Je kunt hem vinden onder oud boomschors en boomstammen op erg vochtige plaatsen. De foto's zijn gemaakt in Zaandijk op de plaats waar hij voor het eerst is gevonden in Nederland, met dank aan Matty Berg.

Bilobella braunerae
Bilobella braunerae

Bilobella braunerae
Bilobella braunerae

Bilobella braunerae
Bilobella braunerae

begin


Monobella grassei (Denis, 1923). Niet vermeld.

Monobella grassei is voor het eerst gevonden in Nederland door Anne Krediet op 16-01-2016 in Zuid-Limburg. Na een aantal mislukte pogingen om het dier te vinden en te fotograferen, is het me nu gelukt er foto's van te maken, met dank aan Anne krediet. Het dier zit onder natte takken of bladeren en ook in erg verrot nat hout. Als je een blad omkeert waar er een onder zit zie je dat ogenblikkelijk, het is een vrij groot dier met een erg lichte kleur, geel of als ze jonger zijn haast wit.

Monobella grassei
Monobella grassei

Monobella grassei
Monobella grassei

begin


Neanura muscorum (Templeton, 1835). Heel gewoon en wijd verspreid.

Deze dieren zijn niet in het bezit van een springstaart en loopen meestal vrij langzaam. Het zijn dus makkelijke fotomodellen, ook al omdat ze vrij groot zijn, tot 3mm. Je treft ze vooral aan onder dood hout. Een goed kenmerk zijn de lange geelachtige stekelharen en de twee bulten achterop het lichaam.

Neanura muscorum
Neanura muscorum

Neanura muscorum
Neanura muscorum

Neanura muscorum
Neanura muscorum juveniel

begin


Pseudachorutes sp. Zeldzaam.

Deze Pseudachorutes sp. is niet tot op de soort te determineren vanaf een foto. In Nederland komen vier verschillende soorten voor die allemaal zeldzaam zijn. Het is een stevige dier en redelijk groot ongeveer 2 mm. Hij beweegt langzaam en ik kan er een serie foto's van maken. Als ik een dag later nog eens ga kijken op de heide bij Schoonloo, zit hij nog onder dezelfde tak. Ik heb de indruk dat hij zit te eten van een slijmzwam.

Pseudachorutes sp.
Pseudachorutes sp.

Pseudachorutes sp.
Pseudachorutes sp.

Pseudachorutes sp.
Pseudachorutes sp.

begin


Onychiurus edinensis (Bagnall, 1935). Niet vermeld.

In Zaandam vindt Matty Berg in een stapel vergane takken een Onychiurus edinensis. Van alle foto's die ik er van maak is er maar 1 een beetje scherp. Het is een klein oogloos dier.

Onychiurus edinensis
Onychiurus edinensis

begin


Protaphorura armata (Tullberg, 1869). Gewoon en wijd verspreid.

Bij het omdraaien van een vrij grote steen in een heidegebied zie ik een aantal witte springstaarten druk rondlopen en binnen enkele minuten in de bodem verdwijnen. Op de steen zit er nog één die ook druk loopt maar niet weg kan. Met veel moeite lukt het er een redelijk scherpe foto van te maken. Het is een bodem springstaart Protaphorura armata die niet kan springen en geen ogen heeft, een veel voorkomende soort.

Protaphorura armata
Protaphorura armata 20-03-2012

Protaphorura armata
Protaphorura armata 31-10-2012

begin


Paratullbergia callipygos (Börner, 1902). Zeldzaam.

Alweer een heel klein, wit en vlug bewegend springstaartje. Een hele groep van deze diertjes zit onder een tak op de hei in de buurt van Schoonloo. Er zit een groot aantal en daardoor krijg ik meerdere dieren op de foto's. Hierdoor kan ik uit de verschillende foto's die eruit zoeken waar de laatste segmenten van het achterlichaam scherp op staan. Op segment nr 6 zitten de soortkenmerken, twee doorntjes en twee gebogen richels, waaraan deze soort is te herkennen.

Paratullbergia callipygos
Paratullbergia callipygos

Paratullbergia callipygos
Paratullbergia callipygos

begin


Cyphoderus albinus Nicolet, 1847. Gewoon en wijd verspreid.

Vanmiddag 27-03-2011 draai ik een tuintegel om en zitten er gewone straatmieren onder. Als de meeste mieren zijn weg gelopen, zie ik een klein geheel wit springstaartje. Hij is heel erg klein en beweegt zich zoals de mieren lopen. Een halve cm lopen, dan een tiende van een seconde stilstaan, dan in een andere richting een halve cm, stilstaan enz. Het is verschrikkelijk, denk je dat je hem scherp hebt, begint hij net weer te lopen. Deze soort springstaart is geheel blind, heeft geen ogen, ze leven in mierennesten.

Mierenspringstaart, Cyphoderus albinus
Mierenspringstaart, Cyphoderus albinus

Mierenspringstaart, Cyphoderus albinus
Mierenspringstaart, Cyphoderus albinus

begin


Anurophorus laricis Nicolet, 1842. Gewoon.

Dit springstaartje is niet in het bezit van een springstaart. Hij is in staat om extreme droogte te overleven en in de normale winterperiode extreme kou. Buiten het koude seizoen bezitten de dieren geen anti vries. De kleur van het kleine dier, kleiner dan 2 mm, is metaalachtig grijs. Deze soort trof ik aan bij het Zuidlaardermeer in de provincie Groningen, het is een gewone soort. Ze leven voornamelijk van korstmossen.

Anurophorus laricis
Anurophorus laricis

Anurophorus laricis
Anurophorus laricis

begin


Ballistura schoetti (Dalla Torre,1895). Zeldzaam.

Ballistura schoetti. Deze springstaart vond ik samen met Podura aquatica op een stukje drijvend schors in een regenplas naast een stuk natte heide. Later in grote aantallen op een steen aan de oever van rivier de Waal.

Ballistura schoetti
Ballistura schoetti

Ballistura schoetti
Ballistura schoetti

begin


Folsomia candida Willem, 1902. Redelijk gewoon, wijd verspreid.

Folsomia candida is één van de oogloze witte soorten die moeilijk zijn te fotograferen. Het lichaam is lang en de dieren zijn vlug, verder heb je geen oog waar je op scherp kunt stellen. Een ander probleem is het felle wit op meestal zeer donkere ondergrond, dit veroorzaakt op foto's vaak een witte wolk om het dier. Dit dier heb ik gevonden in de kas, in een bakje waar ik zaden in heb gezaaid. Je kunt ze herkennen doordat de laatste lichaams segmenten, de nrs 4, 5 en 6 met elkaar zijn vergroeid. (Met dank aan Frans Janssens).

Folsomia candida
Folsomia candida

Folsomia candida
Folsomia candida

begin


Folsomia quadrioculata (Tullberg,1871). Redelijk gewoon.

Folsomia quadrioculata heeft, zoals de naam al aangeeft, maar vier ocellen, aan elke kant twee. Deze soort heb ik gevonden op een stuk heidegrond bij Schoonloo, dat door schapen wordt begraasd.

Folsomia quadrioculata
Folsomia quadrioculata

Folsomia quadrioculata
Folsomia quadrioculata

begin


Hemisotoma thermophila (Axelson, 1900). Niet vermeld.

26-03-2012. Alweer een springstaart die na lange tijd op naam wordt gebracht. De foto is al in maart 2011 gemaakt, maar nu kom ik er achter dat Frans Janssens hem toch van een naam heeft voorzien, Hemisotoma thermophila, (given the apparently fused abd.5+6 FJ). Het is een kleine springstaart.

Hemisotoma thermophila
Hemisotoma thermophila 05-03-2011

Hemisotoma thermophila
Hemisotoma thermophila 18-10-2012

Hemisotoma thermophila
Hemisotoma thermophila 25-02-2013

begin


Desoria olivacea (Tullberg, 1871). Zeldzaam.

De familie Desoria vind ik moeilijk om te onderscheiden van de Isotomurus. Ze lijken veel op elkaar en er zijn veel soorten. Hier wordt ook weer naar de setae (lange haren) gekeken. Bij Desoria zijn deze kort op het achterlijf en bij Isotomurus lang. Deze soorten vind ik vooral op het oppervlak van de zwemvijver en als er ergens regenwaterplassen blijven staan.

Desoria olivacea
Desoria olivacea

begin


Desoria tigrina Nicolet, H. 1842. Niet vermeld.

Desoria tigrina heeft ook relatief korte setae (lange haren) op het achterlichaam, het kenmerk van de Desoria groep. De afwezigheid van de lange haren op de achterste segmenten is heel duidelijk te zien op de onderste foto, deze is gemaakt op het ijs van de vijver, de achtergrond van helder ijs geeft geen licht terug van de flitser, zodat het zwart wordt. Deze soort leeft bij of op het water.

Desoria tigrina
Desoria tigrina

Desoria tigrina
Desoria tigrina

begin


Desoria trispinata (Mac Gillivray, 1896) Niet vermeld.

Een aantal jaren geleden heb ik een blauw springstaartje gefotografeerd in de tuin, hij staat al jaren op mijn site als Desoria sp en die hele tijd heb ik hem niet weer gevonden. Bij het fotograferen van een andere springstaart op de kant van mijn vijver 11-02-2016, lopen er ineens blauwe springstaarten langs. Ze zijn snel en het lukt me enkele redelijke foto's te maken. Waarschijnlijk is het Desoria trispinata volgens Frans Janssens. Na enkele nachten vorst liggen er ook dode exemplaren op het water, kennelijk kunnen ze daar dus slecht tegen.

Desoria sp.
Desoria sp.

Desoria trispinata
Desoria trispinata

Desoria trispinata
Desoria trispinata

begin


Isotoma anglicana Lubbock, 1873. Redelijk gewoon.

Isotoma anglicana zit op het geïmpregneerde hout van het windscherm naast het huis. Op zeer droog dood hout in een heideterrein heb ik hem ook wel gevonden. Door de tekening op de huid kun je hem ondescheiden van Isotoma viridis.

Isotoma anglicana
Isotoma anglicana

Isotoma anglicana
Isotoma anglicana

Isotoma anglicana
Isotoma anglicana

begin


Isotoma caerulea (Bourlet, 1839). Niet vermeld.

Isotoma caerulea is moeilijk te onderscheiden van Isotoma anglicana, "caerulea" wil zeggen blauw en je zou dus zeggen dat het dier op de foto hier aan voldoet. Helaas is van alle Isotoma's alleen Isotoma riparia zeker op soort te brengen vanaf een foto. De anderen zijn alleen te determineren aan de hand van de beharing op het spring mechanisme.

Isotoma caerulea
Isotoma caerulea

Isotoma caerulea
Isotoma caerulea

begin


Isotoma riparia (Nicolet, 1842). Zeldzaam.

Regelmatig ga ik met Peter Wieringa een dag de natuur in om springstaarten en andere leuke dieren te fotograferen. Dat is ook het geval als ik Isotoma riparia fotografeer. Peter heeft deze soort een keer dicht bij zijn huis gefotografeerd en we gaan er weer naar toe omdat ik ook graag wat foto's wil maken. Helaas dit keer zit er op deze plaats geen enkele springstaart. We rijden verder naar de Dollard en fotograferen daar veel pissebedden, hooiwagens en springstaarten. Aan de buitenkant van de zeedijk ligt erg veel plantenmateriaal met stukken hout, tot erg hoog tegen de dijk aan. Dit is een goudmijn om kleine dieren te vinden. Ik maak ook twee foto's van wat ik denk een Isotomurus palustris, maar als ik thuis de foto's op de pc bekijk zie ik dat het dier macro setae (lange haren) op alle lichaam segmenten heeft, het is Isotoma riparia.

Isotoma riparia
Isotoma riparia

Isotoma riparia
Isotoma riparia

begin


Isotoma viridis Bourlet, 1839. Heel gewoon en wijd verspreid.

Isotoma viridis vind ik veel in de tuin op de zwemvijver en ook op stukken dood nat hout in natuurgebieden. Het is een dier van natte gebieden. Zo zit hij op stukken brandhout die nog op het grasveld liggen.

Isotoma viridis
Isotoma viridis

Isotoma viridis
Isotoma viridis

begin


Isotomiella minor (Schäffer, 1896). Redelijk gewoon.

Een springstaart zonder ocellen en dus een bodem dier is Isotomiella minor. Hij leeft in de bodem en de strooisellaag en komt redelijk veel voor. Het zijn kleine dieren, maximaal 1,3 mm. Ze zijn wit van kleur en iets doorzichtig waardoor je op de foto's een duidelijke rugstreep ziet. Het is de darm, de kleur hiervan kan variëren afhankelijk van wat het dier gegeten heeft, als er niet is gegeten is de streep afwezig.

Isotomiella minor
Isotomiella minor

begin


Isotomurus antennalis Bagnall, 1940 Niet vermeld.

Isotomurus antennalis wordt 27-01-2016 voor het eerst gevonden in Nederland door Louis Geraets. De vindplaats ligt in Noord Brabant bij Oeffelt naast een spoorbaan. Dezelfde spoorlijn loopt ook langs Molenhoek waar ik al eens een andere bijzondere springstaart op de foto kon zetten. Omdat het dicht bij ligt ga ik daar ook nog zoeken en tref het dier ook daar aan, de tweede vindplaats. Het zijn erg kleine dieren zo ongeveer 2 millimeter. Ze zitten onder de stenen die bij de spoorbaan worden gebruikt en ook verder van het spoor af in het mos liggen. In Molenhoek zitten ze ook onder stukken dood hout.
Deze springstaart heeft de beharing zoals bij Desoria voorkomt, op andere kenmerken wordt hij ingedeeld bij Isotomurus, door Fauna Europaea en Dr. Arne Fjellberg een specialist op het gebied van Collembola.

Isotomurus antennalis
Isotomurus antennalis

Isotomurus antennalis
Isotomurus antennalis

begin


Isotomurus graminis Fjellberg, 2007. Niet vermeld.

Isotomurus graminis is een nog maar kort geleden beschreven soort, voordien werd hij Isotomurus prasinus genoemd, maar nieuwe inzichten geven dat die soort voorkomt in het oosten van Europa. Isotomurus graminis kun je gemakkelijk verwarren met Isotoma viridis, beide zijn groenachtige langwerpige dieren, het verschil is de beharing, bij Isotoma komen op alle lichaamssegmenten macro setae (lange haren) voor, bij Isotomurus alleen op de achterste segmenten.

Isotomurus graminis
Isotomurus graminis

Isotomurus graminis
Isotomurus graminis

begin


Isotomurus maculatus (Schäffer, 1896). Schaars.

Een veel op Isotomurus palustris lijkende springstaart is Isotomurus maculatus. Deze soort is te herkennen aan de lengte streep midden op de rug, die niet een doorgetrokken lijn is maar uit afzonderlijke vlekken bestaat. Gezien vanaf de kop lijken de afzonderlijke vlekken op een kroon. De eerste waarneming van de soort in Nederland is in 2001 beschreven, Matty Berg, et al.(2001). Dit artikel (pdf) kun je downloaden van de Naturalis website.

Isotomurus maculatus
Isotomurus maculatus

Isotomurus maculatus
Isotomurus maculatus

De vlekken op de rug van het dier hieronder zijn driehoekig en de punt van de driehoek wijst naar achteren. Het is een kleurvorm met de naam: Isotomurus maculatus f. gervaisi.

Isotomurus maculatus f. gervaisi
Isotomurus maculatus f. gervaisi

Isotomurus maculatus f. gervaisi
Isotomurus maculatus f. gervaisi

begin


Isotomurus palustris (Müller, 1776). Heel gewoon en wijd verspreid.

Deze soort werd vroeger niet onderscheiden van Isotomurus pseudopalustris, alle oudere waarnemingen zijn dan ook van deze soort. Tegenwoordig is Isotomurus palustris het dier waarbij de rugstreep niet tot achteraan doorloopt en waar wel schaduwstrepen aanwezig zijn. Loopt de streep wel door en zijn er schaduwstrepen dan Isotomurus pseudopalustris, bij een doorlopende streep zonder schaduwstrepen is het Isotomurus unifasciatus.

Isotomurus palustris
Isotomurus palustris

Isotomurus palustris
Isotomurus palustris

Isotomurus palustris
Isotomurus palustris

Isotomurus palustris
Isotomurus palustris, 27-01-2012

begin


Isotomurus plumosus Bagnall, 1940. Zeldzaam.

In een drooggevallen beek vind ik Isotomurus plumosus onder een zeer vochtige tak. Mijn eerste vondst hier is een juveniel dier en ik besluit er nog enkele keren te gaan kijken. Deze soort heeft een brede donkere band midden over de rug en ook een aan de zij/onder kant. Na een paar keer zoeken, eindelijk een volwassen exemplaar. Enkele andere soorten die in de droge beek voorkomen zijn: Isotomurus palustris, Pogonognathellus flavescens, Heteromurus major en Dicyrtomina minuta.

Isotomurus plumosus
Isotomurus plumosus

Isotomurus plumosus, juveniel
Isotomurus plumosus, juveniel

begin


Isotomurus pseudopalustris Carapelli, Frati, Fanciulli & Dallai, 2001. Niet vermeld.

Isotomurus pseudopalustris is een pas in 2001 beschreven soort. Het verschil met Isotomurus palustris is de doorlopende streep midden over de rug. Verder kan de tekening naast de rugstreep varieren van nauwelijks zichtbaar tot erg donker.

Isotomurus pseudopalustris
Isotomurus pseudopalustris

Isotomurus pseudopalustris
Isotomurus pseudopalustris

begin


Isotomurus unifasciatus (Börner, 1901). Niet vermeld.

Deze soort zit vaak op het wateroppervlak en op de rand van de zwemvijver.
Opmerking Matty Berg:
Het geslacht Isotomurus is zo wie zo niet makkelijk. Zo is I. palustris behoorlijk variabel en bekijk ik altijd meerdere exemplaren om te zien of een vermoedelijke I. unifasciata toch niet een bleke I. palustris is.

Isotomurus unifasciatus
Isotomurus unifasciatus

begin


Parisotoma notabilis (Schäffer, 1896). Heel gewoon en wijd verspreid.

Een kleine springstaart, grijs en met een vierkant lijkend oog is door Matty Berg op waarneming.nl gedetermineerd als Parisotoma notabilis. Deze dieren zijn zo klein en hebben naar mijn idee niet echt opvallende kenmerken, zodat ik ze nog niet zomaar herken.

Parisotoma notabilis
Parisotoma notabilis 28-03-2012

begin


Pseudisotoma sensibilis (Tullberg, 1876). Redelijk gewoon en wijd verspreid.

Een springstaart met een blauwachtige kleur is Pseudisotoma sensibilis, een redelijk veel voorkomende soort, die ik nog niet eerder op de foto heb gezet. Het dier vind ik gewoon in de tuin op een plaats waar ik al heel vaak heb gezocht maar wat kennelijk een geschikte plaats voor springstaarten is. Er ligt hier hout voor de open haard, dat nog moet worden klein gemaakt en er staan stapels stenen die nog in de tuin moeten worden gelegd.

Parisotoma notabilis
Pseudisotoma sensibilis 28-10-2012

begin


Vertagopus arboreus (Linnaeus, 1758). Redelijk gewoon en wijd verspreid.

Vertagopus arboreus vind ik vaak op het geïmpregneerde hout van de zitbank rond de kastanjeboom en onder de losse bast van oud hout. Het zijn donkere dieren, van afstand lijken ze zwart. Bij flitslicht of wanneer de zon er op schijnt, krijgt de dichte beharing een blauwe glans. De jonge dieren zijn roze van kleur.

Vertagopus arboreus
Vertagopus arboreus

Vertagopus arboreus
Vertagopus arboreus

Vertagopus arboreus
Vertagopus arboreus 02-02-2013

Vertagopus arboreus juveniel
Vertagopus arboreus juveniel

begin


Vertagopus cinereus (Nicolet, 1841). Redelijk gewoon en wijd verspreid.

Vertagopus cinereus is een nauwe verwant van V. arboreus, het verschil is de beharing, bij deze soort ontbreekt de blauwige irisatie, hij lijkt meer bruin-grijs. Vooral bij opvallend zonlicht of op een foto gemaakt met een flitser zie je de blauwe gloed bij V. arboreus zeer goed.

Vertagopus cinereus, juveniel
Vertagopus cinereus, juveniel

Vertagopus cinereus, juveniel
Vertagopus cinereus, juveniel

Vertagopus cinereus, juveniel
Vertagopus cinereus, juveniel

Vertagopus cinereus
Vertagopus cinereus

begin


Vertagopus pseudocinereus Fjellberg, 1975. Niet vermeld.

Vertagopus pseudocinereus lijkt erg op V. cinereus, het verschil zit weer in de beharing, deze soort bezit op alle segmenten korte macro setae (lange haren). Die kun je goed zien op de onderste foto waar op elk segment een wat langere haar uitsteekt.

Vertagopus pseudocinereus
Vertagopus pseudocinereus

Vertagopus pseudocinereus
Vertagopus pseudocinereus

Vertagopus pseudocinereus
Vertagopus pseudocinereus

begin


Entomobrya albocincta (Templeton, 1835). Heel gewoon en wijd verspreid.

Entomobrya albocincta vind je op dood hout en onder schors, het zijn snelle dieren die ook op drogere plaatsen zijn te vinden. Deze soort is zeer makkelijk te herkennen. Achter de kop eerst een donker stukje, dan een heel licht gekleurde band, gevolgd door vier donkere segmenten.

Entomobrya albocincta
Entomobrya albocincta

Entomobrya albocincta
Entomobrya albocincta

Entomobrya albocincta 16-03-2014
Entomobrya albocincta 16-03-2014

up


Entomobrya corticalis (Nicolet, 1841). Gewoon en wijd verspreid.

Entomobrya corticalis is een soort van droge plaatsen, je treft ze aan onder los schors aan dode bomen dat helemaal is uitgedroogd en op dode takken op heide velden, dat soort plaatsen. De soort is vrij klein, ongeveer 1.4 mm en ze zijn erg snel.

Entomobrya corticalis
Entomobrya corticalis

Entomobrya corticalis
Entomobrya corticalis

begin


Entomobrya lanuginosa (Nicolet, 1841) Redelijk gewoon, wrs wijd verspreid.

Een springstaart die ik alleen in de klei aan de kust vind, zit ineens op de brievenbus waar hij heel makkelijk is te fotograferen. Dit beestje heeft helemaal geen tekening op zijn lichaam, hij is geheel eenkleurig, met de typische beharing van deze familie.

Entomobrya lanuginosa
Entomobrya lanuginosa

Entomobrya lanuginosa
Entomobrya lanuginosa

begin


Entomobrya marginata (Nicolet, 1841) Schaars.

Alweer een nieuwe springstaart in de eigen tuin, ditmaal Entomobrya marginata. Een springstaart zonder tekening op het lichaam maar een donkere rand aan het einde van de segmenten en olijf groen.

Entomobrya marginata
Entomobrya marginata

Entomobrya marginata
Entomobrya marginata

begin


Entomobrya multifasciata (Tullberg, 1871). Heel gewoon en wijd verspreid.

(Entomobrya multifasciata) is een soort die je op veel, ook op droge plaatsen, kunt vinden. Vindplaatsen zijn onder andere: de basalt zeedijk, onder droog hout op de hei en in verdroogde bloeiwijzen van planten. Het zijn vlugge beweeglijke dieren, die je kunt herkennen aan de dwarsstrepen op het lichaam en de driehoekjes tekening met de punten naar voren achter op het vierde achterlijfs segment.

Entomobrya multifasciata
Entomobrya multifasciata

Entomobrya multifasciata
Entomobrya multifasciata

Entomobrya multifasciata
Entomobrya multifasciata

Entomobrya multifasciata
Entomobrya multifasciata

Entomobrya multifasciata
Entomobrya multifasciata

begin


Entomobrya muscorum (Nicolet, 1842). Schaars.

Entomobrya muscorum is een grote soort die ik niet vaak zie, tot nu toe alleen in oude bossen. Het is een springstaart met zeer lange haren aan de poten en erg lange antennes. De rugtekening is opvallend, twee lijnen over de rug die naar achteren onderbroken zijn, achterop het lichaam een dwarslijn en daarachter een donkere vlek.

Entomobrya muscorum
Entomobrya muscorum

Entomobrya muscorum
Entomobrya muscorum

begin


Entomobrya nicoleti (Lubbock, 1867). Redelijk gewoon.

Entomobrya nicoleti is een soort met alleen helemaal achteraan het lichaam enkele donkere vlekjes, verder is het lichaam niet gevlekt. Hij komt vrij veel voor en is vaak erg geel van kleur.

Entomobrya nicoleti
Entomobrya nicoleti

Entomobrya nicoleti
Entomobrya nicoleti

begin


Entomobrya nigrocincta Denis, 1923. Niet vermeld.

Entomobrya nigrocincta is op 05-11-2017 voor het eerst in Nederland gevonden door Anne Krediet. De soort is bekend van Zuid Europese landen maar ook uit België en Duitsland. Bij deze soort komt duidelijke sexuele dimorfie voor, de mannetjes verschillen in kleur en tekening van de vrouwtjes. De vrouwtjes lijken sterk op Entomobrya multifasciata maar hebben op de achterlijfspunt twee vlekjes en niet een geheel donker segment.

Entomobrya nigrocincta ♂
Entomobrya nigrocincta ♂

Entomobrya nigrocincta ♀
Entomobrya nigrocincta ♀

Entomobrya nigrocincta
Entomobrya nigrocincta

begin


Entomobrya nivalis (Linnaeus, 1758). Heel gewoon en wijd verspreid.

Entomobrya nivalis vind je op drogere plaatsen, vaak samen met Entomobrya multifasciata, ook op metalen oppervlakken die een beetje bealgd zijn. De soort is duidelijk te herkennen aan de figuur achter op het lichaam, twee uitgetrokken driehoeken met de punt naar achteren en daar met elkaar verbonden door een dunne lijn.

Entomobrya nivalis
Entomobrya nivalis

Entomobrya nivalis
Entomobrya nivalis

Entomobrya nivalis
Entomobrya nivalis

begin


Entomobrya quinquelineata (Börner, 1901). Schaars.

Entomobrya quinquelineata kunt je vinden onder takjes in de heide aan de rand van zandverstuivingen. Hij is dicht behaard en niet op alle foto's komen de lengtestrepen goed uit. Het is een vrij kleine soort.

Entomobrya quinquelineata
Entomobrya quinquelineata

Entomobrya quinquelineata
Entomobrya quinquelineata

begin


Entomobrya schoetti Stach, 1922. Niet vermeld.

In de buurt van Schoonloo is een natuurgebied waar ik al erg veel soorten springstaartjes heb gevonden. Ik ga dan ook regelmatig daar kijken omdat ik verwacht dat de verschillende soorten niet het gehele jaar aanwezig zijn, zodat je dus altijd kans hebt op nieuwe als je er in een bepaalde tijd niet eerder bent geweest. Tussen een groot aantal Entomobrya multifasciata op een tak zit 27-01-2015 een aantal donkerdere en kleinere springstaartjes die ik niet ken. Frans Janssens komt met de oplossing Entomobrya schoetti. De eerste waarneming in Nederland.

Entomobrya schoetti
Entomobrya schoetti

Entomobrya schoetti
Entomobrya schoetti

begin


Entomobrya unostrigata Stach, 1930. Zeldzaam.

11-10-2012 Om een nieuwe soort hooiwagen te zoeken ben ik met drie andere mensen naar de Maasvlakte gekomen. Het is een mooie dag al waait het wel een beetje. Op een gegeven moment ga ik in de luwte van een dijk kijken en draai stukjes hout en steen om, dat is al zo'n vaste gewoonte. Op een van de stukken loopt een vrij grote springstaart die ik niet direct herken. Dus foto's maken. Dat valt niet mee het dier blijft lopen en ik moet hem scherp zien te krijgen in de beweging. Van de vier foto's lukt er eigenlijk maar een een klein beetje, helaas een foto van achteren genomen en de kop is niet te zien. Wel staan de kenmerken van deze soort er heel duidelijk op. Een donkere dwarsstreep en donkere vlekken op het midden van de rug. Op collembola.org kan ik hem eerst niet vinden en ik zet het dier met een vraagteken op Flickr.com. Al heel spoedig antwoordt Frans Janssens. Hij geeft de naam van het dier Entomobrya unostrigata en vraagt of ik op vakantie ben en of ik de vindplaats wil aangeven. Het dier is alleen bekend van enkele Zuid Europese landen en uit de Verenigde Staten. Als ik dat heb gedaan blijkt het de eerste waarneming in Nederland en Noordwest-Europa te zijn.
Beschrijving hiervan:
Berg, M.P. & J.J. van Duinen 2014. De springstaart Entomobrya unostrigata nieuw voor Noordwest-Europa (Hexapoda: Collembola: Entomobryidae). Nederlandse Faunistische Mededelingen 42: 63-70.

Entomobrya unostrigata
Entomobrya unostrigata 11-10-2012

Entomobrya unostrigata
Entomobrya unostrigata 17-05-2014

Entomobrya unostrigata
Entomobrya unostrigata 17-05-2014

begin


Heteromurus major (Moniez, 1889). Schaars.

05-04-2011. Soms zie ik in eerste instantie niet eens dat ik een andere soort fotografeer. Dat is bij deze het geval, gelijktijdig met Entomobrya nicoleti onder hetzelfde stuk spaanplaat gefotografeerd. Bij het nogmaals bekijken van de foto's ben ik niet meer zo zeker dat het een juveniel is van een soort die ik al heb en dus plaats ik de foto's op Flickr.com waar Frans Janssens mijn vermoeden bevestigt en er ook een naam bij vermeld. Het is Heteromurus major.

Heteromurus major
Heteromurus major

Heteromurus major
Heteromurus major

Heteromurus major juveniel
Heteromurus major juveniel 26-02-2013

begin


Heteromurus nitidus (Templeton, 1835). Redelijk gewoon en wijd verspreid.

Heteromurus nitidus vind je meestal wat dieper in de grond, onder boomstronken, stenen en ook tussen de aardappelen. Het dier is helder wit met een roodachtige oogvlek en het vierde antenne segment is geringd, maar dat is erg moeilijk zichtbaar.

Heteromurus nitidus, geringd segment 4
Heteromurus nitidus, geringd segment 4

Heteromurus nitidus
Heteromurus nitidus

Heteromurus nitidus
Heteromurus nitidus

Heteromurus nitidus
Heteromurus nitidus

begin


Lepidocyrtus curvicollis Bourlet, 1839. Zeldzaam.

In de kas vind ik onder een bloempot op 16-02-2014 een springstaartje dat ook nog eens stil blijft zitten. De kleur is lichter dan wat ik gewend ben van de verschillende soorten Lepidocyrtus. Het blijkt Lepidocyrtus curvicollis te zijn, een soort waarbij de kop erg ver onder het lichaam staat. Dit komt doordat het middelste rugsegment een hoek maakt van bijna 90 graden. Bij Lepidocyrtus lignorum is de hoek niet zo scherp, bij Lepidocyrtus paradoxus (waarvan ik nog geen foto heb) is de hoek nog scherper. Dat dier heeft dan ook met recht een bochel.

Lepidocyrtus curvicollis
Lepidocyrtus curvicollis

Lepidocyrtus curvicollis
Lepidocyrtus curvicollis

Lepidocyrtus curvicollis
Lepidocyrtus curvicollis

begin


Lepidocyrtus cyaneus Tullberg, 1871. Heel gewoon en wijd verspreid.

Twee opnames van Lepidocyrtus cyaneus, er zitten geen schubben op de poten en de antennes en die vertonen dus geen weerschijn kleuren.

springstaart, Lepidocyrtus cyaneus
Lepidocyrtus cyaneus

springstaart, Lepidocyrtus cyaneus
Lepidocyrtus cyaneus

begin


Lepidocyrtus lignorum (Fabricius, 1781). Heel gewoon en wijd verspreid.

Op de bodem liggende stukken oud schors zijn voor springstaarten een goed onderkomen. Je kunt er veel verschillende soorten onder vinden. Als het zonnig is vallen de Lepidocyrtus soorten direct op. De dieren schitteren prachtig blauw en ondanks dat ze erg klein zijn zie je ze onmiddelijk. Om de verschilende soorten uit elkaar te houden is niet makkelijk. Het ronde oog is kenmerkend voor Lepidocyrtus lignorum. Verder zitten er bij deze soort schubben op de eerste twee antene leden.

Lepidocyrtus lignorum
Lepidocyrtus lignorum

Lepidocyrtus lignorum
Lepidocyrtus lignorum

Lepidocyrtus lignorum
Lepidocyrtus lignorum

Lepidocyrtus lignorum
Lepidocyrtus lignorum

begin


Lepidocyrtus violaceus Lubbock, 1873. Schaars.

Een springstaart met zeer intensieve kleuren, gevonden in een natuurgebied hier in de buurt. Van deze soort staan ook foto's op het algemeen deel van de springstaarten bij het vervellen.

Lepidocyrtus violaceus
Lepidocyrtus violaceus

begin


Orchesella cincta (Linnaeus, 1758). Heel gewoon en wijd verspreid.

Sommige springstaarten laten zich goed fotograferen, zoals deze soort Orchesella cincta. Een redelijk grote springstaart en daardoor iets makkelijker te fotograferen. Je ziet ze het hele jaar door, ook vrij hoog. Bij het schoonmaken van de dakgoot van het huis zitten er vele exemplaren tussen de bladeren. Op het tuinhout zie je ze ook veel en ze blijven rustig zitten.
Bij deze soort komen vaak bruine exemplaren voor, dat schijnen altijd vrouwtjes te zijn.

Orchesella cincta
Orchesella cincta

Orchesella cincta
Orchesella cincta

Orchesella cincta
Orchesella cincta

Orchesella cincta bruine vorm
Orchesella cincta bruine vorm

begin


Orchesella flavescens (Bourlet, 1839). Heel gewoon.

Orchesella flavescens. Deze springstaart kan groot worden, tot 5 mm, het is een zeer fraai beest met de vele bruine kleuren. Er komt een kleurvariant voor met donkere kop, (var. melanocephala).

Orchesella flavescens, juveniel
Orchesella flavescens, juveniel

Orchesella flavescens
Orchesella flavescens

Orchesella flavescens
Orchesella flavescens

Orchesella flavescens
Orchesella flavescens var. melanocephala

Orchesella flavescens
Orchesella flavescens

Orchesella flavescens
Orchesella flavescens var. melanocephala

begin


Orchesella quinquefasciata (Bourlet, 1842). Schaars.

Al heel lang zoek ik naar de vierde in Nederland voorkomende Orchesella, Orchesella quinquefasciata, die je op heidevelden zou kunnen vinden. Het lukt niet om dit dier daar te vinden. Dan zit hij zomaar onder een baksteen en onder oude planken aan de binnenkant van de dijk bij de Dollard. Hier had ik hem zeker niet verwacht. Dit dier lijkt veel op Orchesella flavescens, het verschil zit in de lengte strepen op de rug, daar zijn er bij O. quinquefasciata vijf van, één in het midden en aan beide kanten nog twee. Verder is er een donkere verbindingsstreep onderaan tussen beide antennes.

Orchesella quinquefasciata
Orchesella quinquefasciata

Orchesella quinquefasciata
Orchesella quinquefasciata

Orchesella quinquefasciata
Orchesella quinquefasciata

begin


Orchesella villosa (Geoffroy, 1764). Heel gewoon en wijd verspreid.

De springstaart Orchesella villosa is een grote soort die meestal vrij rustig is. Het dier heb ik gevonden op stenen, takken, planken en boomstammen. De tekening is nogal druk maar lengte strepen komen niet voor.

Orchesella villosa
Orchesella villosa

Orchesella villosa
Orchesella villosa

Orchesella villosa
Orchesella villosa

Orchesella villosa
Orchesella villosa

begin


Pseudosinella sp.

Deze blinde witte soort vind ik onder een stuk dood hout in het bos bij mijn huis. Het dier is in het bezit van schubben en heeft ook macro setae (lange haren). Er komen een aantal soorten Pseudosinella in Nederland voor en ik weet niet of ze vanaf een foto op naam zijn te brengen.

Pseudosinella sp
Pseudosinella sp

Pseudosinella sp
Pseudosinella sp

begin


Sinella curviseta Brook, 1882. Zeldzaam, geïntroduceerd.

Als kikkervoer komt de volgende springstaart Sinella curviseta uit de terrariumhandel.

Sinella curviseta
Sinella curviseta

Sinella curviseta
Sinella curviseta

begin


Coecobrya/Sinella tenebricosa Folsom, 1902. Gewoon

Een typische de mens volgende soort is Sinella tenebricosa. Je vind ze vaak in kassen en dierentuinen. Het dier van de foto's komt uit een park in Zaandijk van een plaats naast een stal waar erg veel takken hebben gelegen die langzaam zijn vergaan. Het is van oorsprong een Oriëntaalse soort. Begin 2015 tref ik deze soort aan in de eigen compostbak naast het huis. Hij blijkt een andere naam te hebben gekregen, het is nu Coecobrya tenebricosa.

Sinella tenebricosa
Sinella tenebricosa

Sinella tenebricosa
Sinella tenebricosa

begin


Willowsia buski (Lubbock, 1869). Schaars.

In huis tref je soms ook springstaarten aan. Dat was het geval bij deze soort, Willowsia buski onder de bloempot van een varentje. Het is een kleine soort, kleiner dan 1,5 mm. Vooral als planten vrij nat worden gehouden, zijn springs- taarten op de potgrond en onder de bloempot niet zeldzaam. Deze soort staat er om bekend vaak binnen in huizen en kassen voor te komen.

Willowsia buski
Willowsia buski

Willowsia buski
Willowsia buski

Willowsia buski
Willowsia buski

Willowsia buski kom ik ook buiten op de afvalbak voor tuinafval tegen. In de plantenkas zit hij onder de bloempotten.

Willowsia buski
Willowsia buski

Willowsia buski
Willowsia buski

begin


Willowsia nigromaculata (Lubbock, 1873). Gewoon, status onduidelijk.

10-08-2010 Op de rand van de compostbak zitten de laatste tijd Willowsia nigromaculata. (Note the iridescent scales cover Frans Janssens) 22-06-2012 Het is typisch een dier dat ook in huizen voorkomt, nu zit hij onder een bloempot in de woonkamer.

Willowsia nigromaculata
Willowsia nigromaculata

Willowsia nigromaculata
Willowsia nigromaculata

Willowsia nigromaculata
Willowsia nigromaculata 10-03-2013

Willowsia nigromaculata
Willowsia nigromaculata 22-06-2012

begin


Willowsia platani (Nicolet, 1841). Heel gewoon en wijd verspreid.

Al een hele tijd let ik op of ik ook platanen tegenkom, maar meestal staan deze bomen aangeplant in het centrum van de dorpen en om daar met loep en foto apperatuur stukjes schors van de boom af te pellen is voor mij nog even een stap te ver. In het bos zullen veel mensen zich al vaak afvragen wat ik daar toch uitvoer. Op 27-11-2011 kom ik een plataan tegen bij het klooster van Ter Apel, aan de rand van het bos. Dat is natuurlijk een buitenkansje. Gelijk bij het tweede stukje schors dat ik van de boom pluk zit er een gestreept springstaartje op. Hier heb ik een aantal foto's van gemaakt tot ik er zeker van ben dat er scherpe tussen zitten. In mijn enthousiasme kijk ik echter weinig kritisch naar het beestje en op weg naar huis begint de twijfel toe te slaan. Is het wel de Willowsia platani die ik op de plataan heb gevonden? Thuis nog eens goed gekeken en het blijkt Entomobrya corticalis te zijn, grote teleurstelling. De dag erna is het goed weer en zoek ik dezelfde boom nog eens op. Nu neem ik alle tijd om te kijken wat er allemaal opzit. Na een uurtje fotograferen heb ik een zestal soorten en nu eindelijk ook wat ik zoek.

Willowsia platani
Willowsia platani

Willowsia platani
Willowsia platani

begin


Pogonognathellus flavescens (Tullberg, 1871). Redelijk gewoon, wijd verspreid.

Het springstaartje met de onuitspeekbare naam Pogonognathellus flavescens heeft erg lange voelsprieten en is daardoor makkelijk te onderscheiden van de erop lijkende Tomocerus soorten. De uiteinden van de antennes zijn dun en de dieren krullen de uiteinden op als er tegen wordt geblazen. Deze soort tref ik in het bos regelmatig aan.

Pogonognathellus flavescens
Pogonognathellus flavescens

Pogonognathellus flavescens
Pogonognathellus flavescens

begin


Pogonognathellus longicornis (Müller, 1776). Gewoon.

Een familielid Pogonognathellus longicornis heeft nog veel langere antennes. Als het zulke lange antennes heeft is de soort niet te verwarren, maar het komt voor dat de antennes korter zijn en dan is het moeilijk deze soort van de vorige te onderscheiden. Wel heb ik de indruk dat deze soort bruinachtig van kleur is, wat de andere Tomoceridae niet zijn.

Pogonognathellus longicornis
Pogonognathellus longicornis

Pogonognathellus longicornis
Pogonognathellus longicornis

begin


Tomocerus minor (Lubbock, 1862). Erg gewoon, wijd verspreid.

Het volgende springstaartje heeft een heel ander temperament. Deze kruipt al na een foto van de schors op de steen. Door de steen een aantal keren om te draaien lukt hier een serie foto's. Deze soort komt uit dezelfde familie als de vorige en is Tomocerus minor.

Tomocerus minor
Tomocerus minor

Tomocerus minor
Tomocerus minor

Tomocerus minor
Tomocerus minor

Tomocerus minor juveniel
Tomocerus minor juveniel

begin


Tomocerus vulgaris (Tullberg, 1871). Redelijk gewoon, wijd verspreid.

Tomocerus vulgaris
Tomocerus vulgaris

Onder stukken schors, stenen en takken kun je het hele jaar door Tomocerus vulgaris vinden. Het is een vrij grote soort die erg snel kan lopen, vaak zie je ze dan ook over het hout rennen en is er geen mogelijkheid ze te fotograferen. Als je rustig te werk gaat blijven ze echter lang stil zitten, de mogelijkheid om een goede foto te maken. Ze hebben aan de rand van de segmenten schubben die het licht weerkaatsen en glimmen in de zon als goud. Aan de glimmende ringen zijn ze makkelijk te herkennen. Op het lichaam zitten meer reflecterende schubben, zodat het dier vaak een festijn van kleuren is.

Tomocerus vulgaris
Tomocerus vulgaris

Tomocerus vulgaris
Tomocerus vulgaris

begin


Soortenoverzicht:


Je kunt proberen je foto's van springstaarten op naam te brengen met de fotosleutel, click daarvoor op de foto hieronder, of hier op
sleutel springstaarten

sleutel

 

Bedankt

Voor de determinatie via Flickr dank aan Frans Janssens
Voor de determinatie via forum.waarneming.nl dank aan Matty Berg

 

Links

Een zeer goede website (Engels) met informatie over: collembola.
Nog een zeer goede website (Engels) met informatie over: de collembola.
Informatie (Nederlands) door Matty Berg staat als PDF op de website van Naturalis.nl over de familie Orchesella evenals de familie bilobella en neanura.

 

 

Nature Stock Photography
Mijn foto's zijn te koop bij Nature in Stock.
My photos are for sale at Nature in Stock.